Gemeente van onze Heer Jezus Christus,

Veel heil en zegen toegewenst!
Dat zijn prachtige woorden die we elkaar toe wensen aan het begin van het nieuwe jaar. We zegenen elkaar. Zegenen betekent goede woorden uitspreken, die van invloed zullen zijn in ons dagelijks leven. Het is de ander prijzen, omhoog halen.
Bijbels gezien is zegenen wensen van voorspoed en welvaart uitspreken die God zal verwezenlijken. Hij wil niets liever dan ons zegenen. Onze God is een zegende God. Het eerste wat Hij deed toen Hij de mens schiep was: zegenen! En hoe eindigt onze bijbel? Met zegen. De laatste woorden spreken van de beste zegen die je je maar kunt wensen: ”De genade van onze Heer Jezus zij met u allen.”

Zegenen als tegenpool van vloeken. Je kunt iemand omhoog praten en je iemand omlaag praten. Je kunt iemand zo toespreken, zo behandelen dat hij of zij ineenschrompelt. Maar je kunt ook iemand zo toespreken dat hij of zij er aan groeit.

Aan een Rabbi werd eens gevraagd wat zegenen is. Hij zei:” Als mijn zoon gestolen heeft, kan ik twee dingen doen: Ik kan tegen hem zeggen: ”Jij bent een dief, jij deugt niet.” Dan vervloek ik hem. Ik kan ook mijn hand op zijn hoofd leggen en zeggen: jij bent geen dief, jij steelt niet meer.” Dan zegen ik hem en voel ik hem onder mijn handen groeien.
Iemand zo toespreken dat het de ander groot maakt, ruimte geeft, dat is zegenen. Goed spreken, iemand goede dingen toezeggen, het beste in de ander zien en steeds het beste voor de ander zoeken

“Moge de Heer u zegenen en u beschermen, moge de Heer het licht van zijn gelaat over u doen schijnen en u genadig zijn, moge de Heer u zijn gelaat toewenden en u vrede geven.”
God wordt hier heel persoonlijk. Opmerkelijk is dat de zegenwoorden in enkelvoud zijn opgetekend. Ieder wordt direct en persoonlijk aangesproken. U, jij en ik, we ontvangen allemaal afzonderlijk Gods zegen.
Hij laat het licht van zijn gelaat over jou schijnen;
Hij wendt zijn gelaat jou toe.
Je zou dat kunnen vertalen als: Hij keert zijn gezicht naar je toe; Hij kijkt je aan en ziet je staan. Hij is de stem in ons die zegt: “Bij Mij hoef je niet te doen alsof. Ik ken je. Ik kende je al voordat je geboren werd. Ik ken je omdat Ik je nodig heb, omdat de wereld je nodig heeft. Je bent onvoorwaardelijk geliefd.” En wanneer iemand zich naar je toekeert, je aankijkt en goede woorden toespreekt, zo iemand wil geen verre vreemde blijven. Maar zo iemand wil contact, wil verbondenheid.

Zo keert onze God zich in zegen tot het volk, tot de mensen, groot en klein. Tot ons als gemeenschap. Dat het licht van zijn gelaat over u en mij schijnt betekent ook: moge Gods aanwezigheid in u en mij te zien zijn. Dat Hij een zichtbaar spoor van zijn wezen mag achterlaten op het gelaat dat je anderen laat zien! Hoe? In een vriendelijke glimlach.

In het Oude Testament hief de hogepriester zijn handen op en sprak namens God de zegen over het volk uit. Gods goede woorden, die God graag gezegd wilde hebben om daarmee invloed uit te oefenen op hun bestaan. Voor dat moment moest wel eerst een offer voor de zonde gebracht zijn, zodat God niets in de weg zou staan om zijn zegen te laten landen. Daarna sprak de hogepriester de woorden zoals we die in Numeri 6 hebben gelezen. Eerst offer dan zegen.

En nu? Jezus is onze hemelse hogepriester, die met het offer van zijn leven eens en voor altijd afrekende met onze zonden, zodat Hij nu onbeperkt Gods zegen voor ons beschikbaar stelt. En dat blijft Hij doen.
Jezus Christus is er dus altijd op uit om ons te zegenen, omdat Hij alles doorstaan en weggenomen heeft wat die zegen zou kunnen weerhouden en Hij heeft dat werk helemaal volbracht aan het kruis. Hij zegent ons nu met de woorden die in de beschutting van Gods huisgezin uitgesproken worden. Vanaf het begin hebben zegeningen op allerlei manieren in de kerk geklonken en die zijn soms ook op schrift gesteld. Door de briefschrijvers van het Nieuwe Testament, zoals Paulus, in zijn brief aan de Korintiërs.

Gods zegen is ook troost. Troost voor mensen die de gebrokenheid van het bestaan kennen. Troost voor mensen die ervaren hoe genadeloos wij met elkaar omgaan. Gods zegen is als een hand die de mens vol liefde aanraakt en die zegenend op hun hoofd ligt. Deze hand is het tegenbeeld van de gebalde vuisten, of de handen die wegduwen. Het tegenbeeld van handen die zich respectloos vergrijpen en schenden. Gods hand bemoedigt en troost en haalt het beste in de mens naar boven. Want mensen die zich zo aangeraakt weten verlangen niets liever dan het leven te delen, samen te zoeken naar het goede voor elkaar, naar liefde, vrede en recht.

Veel heil en zegen toegewenst in het nieuwe jaar 2023!